Over wulpse dames, kloosters en benedictijnen

Wat heeft deze wulpse dame te maken met kloosters en benedictijnen? Tsja, eigenlijk niets en ook alles.

De dracht van kloosterlingen is in ieder geval niet zo uitdagend als van deze dame, dat mag duidelijk zijn. Benedictijnen dragen een zwart lang habijt met wijd uitlopende mouwen, en een kap. Het is vrij tijdloos, en volgt niet de laatste modetrend. Kleren maken de man? Nee, niet in het klooster. Is ook helemaal niet de bedoeling.

Een habijt roept vragen op

Zo’n habijt, en zeker als het zwart is, heeft iets geheimzinnigs. Dan dringen vragen op als “is dat ding niet wat warm in de zomer?” Of “krijg je in de winter niet ontzettend koude voeten in die sandalen?” En natuurlijk stiekem ook “wat zouden ze onder dat habijt aan hebben?” Uit betrouwbare bron weet ik dat sommigen voor hun eerste gebed (dat soms al om 5 uur in de ochtend is) gewoon hun pyjama aanhouden, en daar hun habijt over aan trekken. Niemand die het ziet.

De aantrekkingskracht van kloosters

Kortom, er is iets schimmigs aan kloosterlingen. Logisch hoor. Het is een totaal andere wereld dan waar jij en ik in zitten. En als je nog nooit in een klooster bent geweest, dan heb je geen flauw idee wat daar allemaal gebeurt. Tegelijkertijd hebben kloosters en kloosterlingen ook iets magisch en een aantrekkingskracht, van voornamelijk stilte en rust. Iets wat in de hectische maatschappij van alledag moeilijk te vinden is, en waar veel mensen wel behoefte aan hebben. Steeds meer mensen zoeken het klooster op, ook (of misschien juist) niet-godsdienstigen.

Volg het ritme van rust en stilte

Zelf verblijf ik met enige regelmaat (voornamelijk in het buitenland) in kloosters. Als het mogelijk is, doe ik met het ritme (dat soms bestaat uit acht keer bidden per dag) van de kloosterlingen mee. De allereerste keer (in Italië) nam ik uit een soort beleefdheid deel. Ik had geen flauw idee wat er gebeurde. Er leek een vast stramien te zijn van zingen, bidden en stilte, waar ik niets van begreep. Het enige dat ik kon doen, was opstaan als de kloosterlingen opstaan, en weer gaan zitten als zij ook gaan zitten. En daar was ik behoorlijk druk mee. In eerste instantie vond ik het strakke schema wat zinloos en leek het verspilling van tijd. De keren daarna kreeg ik er wat meer handigheid in. En nu kijk ik er zelfs naar uit. Ik baad me in de rust; het heeft een heilzame werking op mijn geest.

 Schijnheilig?

Oké, het allereerste gebed ’s morgens vroeg sla ik over; dan slaap ik liever nog even door. Kan dat dan, mag dat, is dat niet schijnheilig, zul je je afvragen. Ja, dat kan en mag, en nee dat is niet schijnheilig. Je zit er namelijk alleen voor jezelf en niet voor de kloosterlingen. Ik heb nog nooit de vraag gehad: “Waarom was jij er niet?” En als ik wel aanwezig ben, krijg ik nooit de vraag: “Waarom ben jij hier?” Het wordt overigens zeer gewaardeerd als je mee doet.

Beginnen en stoppen is heel benedictijns

Aan de andere getijdegebeden neem ik wel zoveel mogelijk deel. De klok luidt, je stopt met waar je mee bezig was, en je begeeft je naar de kerk. Dat is zo fijn. Niet, ‘eerst nog even dit afmaken’, maar gewoon stoppen. En na afloop ga je weer verder met waar je gebleven bent. Dit dwingende ritme vertraagt. Kunnen wij nog veel leren. Dat betekent overigens niet dat kloosters en kloosterlingen niet met de tijd meegaan. Ook al baseren benedictijnen hun leven op een eeuwenoude regel, ze leven niet meer in de middeleeuwen. Zo past in de zakken van dat habijt ook gewoon een smartphone.

Benedictuswandeling

Ben jij nieuwsgierig geworden? En vind je het misschien ook een beetje raar of spannend? Ga dan mee met de Benedictuswandeling en ervaar het zelf. De eerste dag lopen we van benedictijns klooster naar benedictijns klooster. Loop je twee dagen mee, dan slaap je ook in het klooster. Ter plekke beslis je zelf of je aan de gebeden mee wilt doen.

Enneh, die wulpse dame komen we onderweg tegen.

Vorige
Vorige

Er mankeert toch niets aan mijn benen?

Volgende
Volgende

Mobieltje maakt wijn gratis